Banken in de gevarenzone, Lehman revisited?

Acht jaar na de wereldwijde financiële crisis zijn banken nog steeds niet uit de gevarenzone. De koersval van bankaandelen na het Brexit-referendum leidt tot krimp van het eigen vermogen, hogere risico’s en zal de versterking van kapitaalbuffers verder bemoeilijken. Het systeemrisico van banken in de EU is in juni 2016 ongeveer twee (!) keer zo hoog als ‘pre-Lehman’ in 2007. Bij banken in de VS, hoewel veel beter gekapitaliseerd, bedraagt de toename ruim 50%.

SRISK NYU Volatility Lab

In de EU staan vooral de Britse banken onder druk, terwijl ook de Franse banken opvallen door hun risicovolle vermogensposities. Sinds het Brexit-referendum zijn de risico’s bij de UK Big Four en BNP Paribas het sterkst gegroeid, waarbij overigens ook ING Groep (ca. 40 miljard euro) eruit springt. Het systeemrisico nam bovendien toe door de groei van derivatenposities bij banken. Eind 2015 bedroeg het totaal in notional amounts wereldwijd 530 biljoen dollar, ruimschoots boven het ‘Lehman-niveau’.

Is bodem van de gifbeker van de banken hiermee in zicht? Helaas niet. Voor hun funding noodzakelijke staatsleningen kosten geld door de negatieve rente, de economische groei hapert wereldwijd en de kredietverlening krimpt. Daarbij heeft het uiterst ruime monetaire beleid van de centrale banken meer kwaad dan goed gedaan en zal afbouw van de Quantitative Easing-programma’s moeizaam en waarschijnlijk kostbaar zijn. Als zich nieuwe tegenvallers aandienen ziet de toekomst er somber uit. De problemen met Italiaanse en Portugese banken, Deutsche Bank, Bremer Bank en een aantal vastgoedfondsen zijn wat dat betreft een veeg teken.


(11 juli 2016)